BEGIN:VCALENDAR
VERSION:2.0
PRODID:-//Vrije Universiteit Amsterdam//NONSGML v1.0//EN
NAME:Samenwerking versterkt mondzorg en preventie
METHOD:PUBLISH
BEGIN:VEVENT
DTSTART:20260619T110000
DTEND:20260619T120000
DTSTAMP:20260619T110000
UID:2026/samenwerking-versterkt-mo@8F96275E-9F55-4B3F-A143-836282E12573
CREATED:20260701T004221
LOCATION:UvA Aula Singel 411 1012WN Amsterdam
SUMMARY:Samenwerking versterkt mondzorg en preventie
X-ALT-DESC;FMTTYPE=text/html: <html> <body> <p>ACTA-promovendus Joost 
 den Boer onderzocht de mondzorgpraktijk van nu. In Nederland wordt er
  in mondzorgpraktijken steeds meer samengewerkt door veranderingen in
  de samenleving. Daarmee is de rol van tandarts verschoven van 'organ
 isatorisch leider' naar 'klinische leider'. </p> <p>De mondzorgprakti
 jk is de afgelopen decennia veranderd van kleine praktijken met 1 tan
 darts naar meer grote praktijken met grotere teams. Daarin werken tan
 dartsen steeds vaker samen met collega’s, mondhygiënisten en preve
 ntieassistenten en zijn er in veel gevallen ook praktijkmanagers acti
 ef. Bovendien komt het voor dat praktijken zich organiseren binnen ee
 n keten.</p><p>Samenwerken betekent ook taken verdelen. Tandartsen ho
 uden zich vooral bezig met diagnostiek en meer ingewikkelde behandeli
 ngen en mondhygiënisten richten zich vooral op parodontale zorg (het
  schoonhouden van het gebit en het tandvlees). Preventieassistenten s
 pelen een belangrijke rol bij het voorkomen van mondproblemen. Toch b
 lijft de praktijk divers. Niet overal wordt de taakverdeling volledig
  doorgevoerd, bijvoorbeeld door personeelstekorten of verschillen in 
 visie.</p><h3>Leiderschap en doelen</h3><p>Organisatorische taken die
  de praktijkeigenaren vroeger veel zelf uitvoerden worden nu vaker ui
 tgevoerd door praktijkmanagers. Hierdoor is organisatorisch leidersch
 ap voor tandartsen minder belangrijk geworden. Praktijkeigenaren zijn
  nu meer 'klinisch leider' van een team van mondzorgprofessionals, di
 e ieder hun eigen aandachtsgebieden hebben. Dit past bij ontwikkeling
 en in de samenleving en de mondzorg, zoals het belang van preventie, 
 de breedte van het vak, het centraal stellen van de patiënt en het b
 ewaken van de kwaliteit van de zorg.&nbsp;</p><p>Hoe teams samenwerke
 n, hangt sterk samen met leiderschap en gedeelde doelen. Sommige prak
 tijken kiezen voor een sturende aanpak, andere voor meer ruimte en au
 tonomie. Daarnaast kunnen doelen verschillen van vooral aandacht voor
  de patiënt tot aan een efficiënte organisatie van de zorg. Er best
 aat geen ideaal model: effectieve samenwerking vraagt maatwerk en han
 gt samen met persoonlijke voorkeuren.</p><h3>Betekenis voor de samenl
 eving</h3><p>Samenwerking draagt bij aan betere kwaliteit, efficiënt
 ere zorg en meer aandacht voor preventie. Tegelijkertijd blijven uitd
 agingen bestaan, zoals personeelstekorten en de toegankelijkheid van 
 de mondzorg. De kern blijft: goede samenwerking is een voorwaarde om 
 de mondzorg toekomstbestendig en optimaal patiëntgericht te maken.</
 p><p>Joost den Boer promoveert 19 juni op zijn proefschrift: 'Collabo
 ration within Dutch oral healthcare practices. Organisation and roles
  in daily practice'.&nbsp;</p> </body> </html>
DESCRIPTION: De mondzorgpraktijk is de afgelopen decennia veranderd va
 n kleine praktijken met 1 tandarts naar meer grote praktijken met gro
 tere teams. Daarin werken tandartsen steeds vaker samen met collega�
 �s, mondhygiënisten en preventieassistenten en zijn er in veel geval
 len ook praktijkmanagers actief. Bovendien komt het voor dat praktijk
 en zich organiseren binnen een keten. Samenwerken betekent ook taken 
 verdelen. Tandartsen houden zich vooral bezig met diagnostiek en meer
  ingewikkelde behandelingen en mondhygiënisten richten zich vooral o
 p parodontale zorg (het schoonhouden van het gebit en het tandvlees).
  Preventieassistenten spelen een belangrijke rol bij het voorkomen va
 n mondproblemen. Toch blijft de praktijk divers. Niet overal wordt de
  taakverdeling volledig doorgevoerd, bijvoorbeeld door personeelsteko
 rten of verschillen in visie. <h3>Leiderschap en doelen</h3> Organisa
 torische taken die de praktijkeigenaren vroeger veel zelf uitvoerden 
 worden nu vaker uitgevoerd door praktijkmanagers. Hierdoor is organis
 atorisch leiderschap voor tandartsen minder belangrijk geworden. Prak
 tijkeigenaren zijn nu meer 'klinisch leider' van een team van mondzor
 gprofessionals, die ieder hun eigen aandachtsgebieden hebben. Dit pas
 t bij ontwikkelingen in de samenleving en de mondzorg, zoals het bela
 ng van preventie, de breedte van het vak, het centraal stellen van de
  patiënt en het bewaken van de kwaliteit van de zorg.&nbsp; Hoe team
 s samenwerken, hangt sterk samen met leiderschap en gedeelde doelen. 
 Sommige praktijken kiezen voor een sturende aanpak, andere voor meer 
 ruimte en autonomie. Daarnaast kunnen doelen verschillen van vooral a
 andacht voor de patiënt tot aan een efficiënte organisatie van de z
 org. Er bestaat geen ideaal model: effectieve samenwerking vraagt maa
 twerk en hangt samen met persoonlijke voorkeuren. <h3>Betekenis voor 
 de samenleving</h3> Samenwerking draagt bij aan betere kwaliteit, eff
 iciëntere zorg en meer aandacht voor preventie. Tegelijkertijd blijv
 en uitdagingen bestaan, zoals personeelstekorten en de toegankelijkhe
 id van de mondzorg. De kern blijft: goede samenwerking is een voorwaa
 rde om de mondzorg toekomstbestendig en optimaal patiëntgericht te m
 aken. Joost den Boer promoveert 19 juni op zijn proefschrift: 'Collab
 oration within Dutch oral healthcare practices. Organisation and role
 s in daily practice'.&nbsp; ACTA-promovendus Joost den Boer onderzoch
 t de mondzorgpraktijk van nu. In Nederland wordt er in mondzorgprakti
 jken steeds meer samengewerkt door veranderingen in de samenleving. D
 aarmee is de rol van tandarts verschoven van 'organisatorisch leider'
  naar 'klinische leider'. 
END:VEVENT
END:VCALENDAR
